Translation of "Kleinkinderen" in French

0.003 sec.

Examples of using "Kleinkinderen" in a sentence and their french translations:

- Hoeveel kleinkinderen heb je?
- Hoeveel kleinkinderen heeft u?
- Hoeveel kleinkinderen hebben jullie?

- Combien de petits-enfants avez-vous ?
- Vous avez combien de petits-enfants ?
- Tu as combien de petits-enfants ?

Heeft u kleinkinderen?

Avez-vous des petits enfants ?

Heb je kleinkinderen?

As-tu des petits-enfants ?

Hoeveel kleinkinderen heeft hij?

Combien de petits-enfants a-t-il ?

Ze zat omringd door haar kleinkinderen.

Elle était assise, entourée de ses petits-enfants.

Kerstmis is altijd een mooi feest voor kleinkinderen.

Noël est toujours une belle fête pour les petits-enfants.

Laat grootouders de stemmen van hun kleinkinderen horen via de telefoon.

Faites entendre la voix des petits-enfants aux grands-parents par le téléphone.