Translation of "Weggaan" in Portuguese

0.013 sec.

Examples of using "Weggaan" in a sentence and their portuguese translations:

Wij willen weggaan.

- Nós queremos ir.
- A gente quer ir.

Ik wil weggaan.

Quero ir embora.

Laten we weggaan.

Vamos embora.

Laten we gewoon weggaan.

Vamos embora.

Ik zal nooit weggaan.

- Eu nunca irei embora.
- Jamais irei embora.
- Eu nunca partirei.

Tom had vroeger moeten weggaan.

Tom deveria ter ido embora antes.

Je kunt maar beter weggaan.

É melhor você ir embora.

U kunt maar beter weggaan.

É melhor você ir agora.

Waarom wil je vandaag weggaan?

Por que você quer ir embora hoje?

Sluit de deur bij het weggaan.

Feche a porta quando sair.

- Moet ik weg?
- Moet ik weggaan?

Eu devo ir?

Ik zag Andrea van huis weggaan.

Eu vi Andrea saindo de casa.

Ik denk dat ik nu moet weggaan.

Eu acho que tenho que sair agora.

Hebben jullie al besloten wanneer jullie weggaan?

Vocês já decidiram quando vão embora?

Laat ons nu weggaan vooraleer iemand van gedacht verandert.

Vamos antes que alguém mude de ideia.

Ik kan niet weggaan, en dat wil ik ook niet.

Eu não posso e nem quero ir.

- Ge moogt weggaan, op voorwaarde dat ge tegen vijf uur terug zijt.
- Je mag weggaan op voorwaarde dat je om vijf uur terug bent.

Pode ir com a condição que volte às cinco

- Sluit de deur bij het weggaan.
- Doe de deur dicht als je weggaat.
- Sluit de deur wanneer je vertrekt.

Feche a porta quando sair.