Translation of "Van" in Portuguese

0.038 sec.

Examples of using "Van" in a sentence and their portuguese translations:

...van een van de ultieme nachtrovers.

... de um dos predadores supremos da noite.

Van spektakel...

Marcado pela espetacularidade...

Van onderen!

Madeira!

- Ik hou meer van appels dan van sinaasappels.
- Ik houd meer van appels dan van sinaasappels.

Eu gosto mais de maçãs do que de laranjas.

- Wat vind je van de onafhankelijkheid van Catalonië?
- Wat vindt u van de onafhankelijkheid van Catalonië?

O que você pensa sobre a independência da Catalunha?

- Tom houdt van je.
- Tom houdt van jou.
- Tom houdt van jullie.
- Tom houdt van u.

- Tom te ama.
- O Tom te ama.

- Hou je van steden?
- Houd je van steden?
- Houdt u van steden?
- Houden jullie van steden?

Você gosta de cidade?

Zelfs van een afstand van 380.000 kilometer...

Mesmo a mais de 380 000 quilómetros de distância,

Veel van de arbeiders stierven van honger.

Muitos dos trabalhadores morreram de fome.

Ik hou van muziek en van Engels.

- Eu amo música e inglês.
- Eu gosto de música e da língua inglesa.

Geen van de bloemen is van plastic.

Nenhuma das flores é feita de plástico.

Ik hou van schilderen en van tekenen.

Eu amo pintar e desenhar.

Ik hou van de smaak van watermeloen.

Eu gosto do sabor de melancia.

- Je houdt van fruit.
- U houdt van fruit.
- Jullie houden van fruit.

Você gosta de fruta.

- Waar hou je van?
- Waar houdt u van?
- Waar houden jullie van?

- Do que você gosta?
- Do que vocês gostam?

- Het is van jou?
- Het is van u?
- Het is van jullie?

- É seu?
- É teu?
- Isso é seu?

De man van de dochter van Karel is een schoonzoon van Karel.

O marido da filha do Carlos é genro do Carlos.

Verslaving is een van de problemen van de jeugd van deze tijd.

O vício é um dos problemas da juventude de hoje.

- Hou je van sap?
- Houdt u van sap?
- Houden jullie van sap?

Você gosta de suco?

- Ik hou van grappen.
- Ik hou van grapjes.
- Ik hou van moppen.

Eu adoro piadas.

- Ik walg van je.
- Ik walg van u.
- Ik walg van jullie.

Você me dá nojo.

- Hij houdt van snoepjes.
- Hij houdt van snoep.
- Hij houdt van zoetigheden.

Ele gosta de doces.

- Hoe onbeschoft van je!
- Hoe onbeschoft van u!
- Hoe onbeschoft van jullie!

Que grosseria de sua parte!

- Hou je van sneeuw?
- Houdt u van sneeuw?
- Houden jullie van sneeuw?

Você gosta de neve?

- Houdt u van zalm?
- Hou je van zalm?
- Houden jullie van zalm?

Você gosta de salmão?

- Hou je van dansen?
- Houdt u van dansen?
- Houden jullie van dansen?

- Você gosta de dançar?
- Vocês gostam de dançar?

- Iedereen houdt van patat.
- Iedereen houdt van friet.
- Iedereen houdt van frietjes.

- Todos gostam de batata frita.
- Todo o mundo gosta de babata frita.

Van welke kleur hou je het meest? Van blauw of van rood?

Qual cor você prefere? O azul ou o vermelho?

- Hou je van voetbal?
- Houdt u van voetbal?
- Houden jullie van voetbal?

Você gosta de futebol?

- Houdt u van wijn?
- Hou je van wijn?
- Houden jullie van wijn?

- Você gosta de vinho?
- Vocês gostam de vinho?

- Hou je van chocolade?
- Houdt u van chocolade?
- Houden jullie van chocolade?

- Você gosta de chocolate?
- Vocês gostam de chocolate?

- Ik hou van bonbons.
- Ik hou van snoepjes.
- Ik hou van snoep.

Eu gosto de doces.

- Hou je van bowlen?
- Houden jullie van bowlen?
- Houdt u van bowlen?

Você gosta de boliche?

- Hou je van koken?
- Houdt u van koken?
- Houden jullie van koken?

Você gosta de cozinhar?

- Hou jij van aardbeien?
- Houdt u van aardbeien?
- Houden jullie van aardbeien?

Você gosta de morangos?

- Hou je van thee?
- Houdt u van thee?
- Houden jullie van thee?

- Você gosta de chá?
- Vocês gostam de chá?

- Ik hou van patat.
- Ik hou van friet.
- Ik hou van frietjes.

Eu adoro batatas fritas.

- Ik hou van je!
- Ik hou van jou!
- Ik hou van u!

- Eu te amo!
- Te amo!
- Eu amo você!

Het Portugees van Brazilië is tamelijk verschillend van het Portugees van Portugal.

O português do Brasil é bem diferente do português de Portugal.

- Zij houdt van vissen.
- Hij houdt van vissen.
- Zij houdt erg van vissen.

- Ela adora pescar.
- Ele adora pescar.

- Ik hou van knoflook.
- Ik hou van knoflook!
- Ik ben gek van knoflook.

Eu adoro alho.

Sommige mensen houden van honkbal, anderen van voetbal.

Alguns gostam de beisebol; outros, de futebol.

- Hou je van mij?
- Hou je van me?

Você me ama?

- Houd je van films?
- Hou je van films?

- Você gosta de filmes?
- Vocês gostam de filmes?

- Ik hou van honkbal.
- Ik hou van baseball.

- Eu gosto de beisebol.
- Gosto de beisebol.

- Linda houdt van chocolade.
- Linda houdt van chocola.

Linda adora chocolate.

- Ik hou van mahjongg.
- Ik hou van mahjong.

Eu gosto de Mahjong.

- Ze houdt van katten.
- Zij houdt van katten.

Ela adora gatos.

- Ik hou van je.
- Ik hou van jou.

- Eu te amo.
- Eu amo você.
- Eu te amo!

- Ik hou van paarden.
- Ik houd van paarden.

Eu adoro cavalos.

Tom is niet van plan van te gaan.

Tom não planeja ir.

- Ik houd van astronomie.
- Ik hou van astronomie.

Eu amo Astronomia.

- Niemand houdt van mij.
- Niemand houdt van me.

Ninguém me ama.

- Ik hield van je.
- Ik hield van jullie.

- Eu te amava.
- Eu te amei.
- Amava-te.
- Amei-te.
- Amava-o.
- Amava-a.
- Amei-a.
- Amei-o.

- Ik hou van spelletjes.
- Ik hou van games.

Eu amo jogos.

- Ik hou van desserts.
- Ik hou van desserten.

Eu adoro sobremesa.

- Ze houden van ons.
- Zij houden van ons.

Eles nos amam.

- Houdt u van ansjovis?
- Hou je van ansjovis?

Você gosta de enchova?

- Ik hou van bonen.
- Ik hou van boontjes.

Gosto de feijão.

- Wij houden van koffie.
- We houden van koffie.

- Gostamos de café.
- Nós gostamos de café.

- Ik hou van rundvlees.
- Ik houd van rundvlees.

Eu amo carne de boi.

Ik hou meer van jou dan van haar.

Amo mais você do que ela.

- Hij houdt van sinaasappels.
- Hij houdt van appelsienen.

Ele gosta de laranjas.

Ik hou van geen enkele van die platen.

Não gosto de nenhum destes discos.

- Ik hou van rockmuziek.
- Ik hou van rock.

Eu amo rock.

- Ik hou van talen!
- Ik houd van talen!

- Eu gosto de idiomas.
- Gosto de idiomas.
- Gosto de línguas estrangeiras.

- Ik hou van Kerstmis.
- Ik hou van kerst.

- Eu amo o Natal.
- Eu adoro o Natal.

- Tom houdt van vis.
- Tom houdt van vissen.

Tom gosta de peixe.

- Ik hou van talen.
- Ik hou van talen!

Eu gosto de idiomas.

Wat vind je van de jeugd van tegenwoordig?

O que você acha sobre a juventude de hoje?

- Ik hou van haar.
- Ik houd van haar.

- Eu a amo.
- Amo-a.

Een deel van dit land is van mij.

Uma parte deste país pertence a mim.

- Van ervaring leer je.
- Van daden komt kennis.

O fazer ensina.

- Ik hou van vis.
- Ik hou van vissen.

Eu adoro peixe.

- Houdt u van sinaasappels?
- Hou jij van sinaasappels?

- Você gosta de laranjas?
- Vocês gostam de laranjas?

- Geniet van uw verblijf.
- Geniet van je verblijf.

Aproveite a sua estada.

Ik hou meer van muziek dan van sport.

Gosto mais de música do que de esportes.

- Ik hou van golf.
- Ik hou van golfspelen.

Eu adoro golfe.

- Ik hou van Duitsland.
- Ik houd van Duitsland.

Eu gosto da Alemanha.

- Ik hou van je.
- Ik hou van jou!

- Te amo.
- Eu te amo.
- Amo você.

Ik hou zowel van honden als van katten.

- Eu adoro tanto os cachorros como os gatos.
- Eu adoro tanto cães quanto gatos.

- We houden van ze.
- We houden van hen.

Nós os amamos.

Van geheime jungles...

De selvas secretas...