Translation of "Gaat" in Portuguese

0.016 sec.

Examples of using "Gaat" in a sentence and their portuguese translations:

Wie rustig gaat, gaat gemakkelijk.

Quem vai tranquilamente vai facilmente.

Wie niet vooruit gaat, gaat achteruit.

Quem não está avançando está andando para trás.

Je gaat.

Tu vais.

- Waarover gaat het?
- Waar gaat het over?

- De que se trata?
- É sobre o que?

- Hoe gaat het?
- Hoe gaat het met je?
- Hoe gaat het ermee?
- Hoe gaat het met u?
- Hoe gaat het met jullie?

- Como você está?
- Como vai?
- Como vai você?
- Como está você?
- Como vocês estão?

- Het gaat sneeuwen vandaag.
- Het gaat vandaag sneeuwen.

Vai nevar hoje.

- Hoe gaat het?
- Hoe gaat het met je?

- Como você está?
- Como vai?

- Ze gaat naar Ooita.
- Zij gaat naar Ooita.

Ela vai a Ooita.

Dit gaat daarop.

Isto entra aqui.

Dit gaat eromheen.

Portanto, isto roda.

Daar gaat hij.

Vamos a isto.

Hoe gaat het?

Como está?

Iedereen gaat dood.

Todo mundo morre.

Het gaat regenen.

Vai chover.

Hoe gaat ie?

Como está indo?

Tom gaat vooruit.

Tom está progredindo.

Dat gaat voorbij.

Isso passa!

Tom gaat verliezen.

Tom vai perder.

Waarover gaat het?

Sobre o que é o assunto?

Het gaat prima.

Eu vou muito bem.

Het gaat sneeuwen.

Vai nevar.

De deurbel gaat.

A campainha está tocando.

Gaat u zitten.

- Por favor, sente-se.
- Sente-se, por favor.
- Senta-te, por favor.

Wie gaat ernaartoe?

Quem está aí?

- Gaat het goed met jullie?
- Gaat het goed met je?
- Gaat het goed met u?

- Você está bem?
- Você está passando bem?

- Het gaat mij goed.
- Het gaat goed met mij.
- Mij gaat het goed.
- Ik ben in orde.
- Het gaat goed met me.

Estou legal.

- Hoe gaat het met u?
- Hoe gaat het met jullie?

- Como vai?
- Como está você?

- De zon gaat weldra onder.
- De zon gaat zo onder.

Logo o sol se põe.

- Dat gaat je niks aan.
- Dat gaat je niets aan.

Isso não lhe diz respeito.

- Naar waar gaat deze trein?
- Waar gaat deze trein naartoe?

Para onde vai este comboio?

- Hé, hoe gaat het met je?
- Hoi, hoe gaat het?

- Oi, como você está?
- Oi! Como vai você?
- Olá! Como vai você?

De zon gaat onder.

O sol está a pôr-se.

Onze strijd gaat door...

A nossa luta continuará,

Dat gaat niet werken.

Isso não vai funcionar.

Bill gaat winnen, nietwaar?

Bill vai ganhar, não é?

Morgen gaat het sneeuwen.

Nevará amanhã.

Hoe gaat het, Tom?

Como você está, Tom?

Daar gaat onze bus.

Lá vai nosso ônibus.

Gaat het morgen regenen?

- Amanhã chove?
- Choverá amanhã?
- Vai chover amanhã?

De strijd gaat verder!

A luta continua!

Het leven gaat verder.

A vida continua.

Ze gaat zelden uit.

Ela raramente sai.

Het gaat over kosten.

É uma questão financeira.

Soms gaat alles fout.

Às vezes tudo dá errado.

Morgen gaat het regenen.

Amanhã choverá.

Zij gaat naar Brussel.

Ela vai a Bruxelas.

Waar gaat Tom slapen?

Onde Tom irá dormir?

Tom gaat me helpen.

Tom vai me ajudar.

De telefoon gaat over.

- O telefone está tocando.
- O telefone está tocando!

Hoi, hoe gaat het?

Oi! Como vai você?

Waar gaat het over?

De que se trata?

Waarover gaat het precies?

De que se trata, exatamente?

Het gaat mij slecht.

- Estou mal.
- Não me sinto bem.

Wie gaat er rijden?

Quem vai dirigir?

Het gaat vandaag sneeuwen.

Vai nevar hoje.

Dat gaat nooit werken.

Não há mais jeito de isso funcionar.

Wanneer gaat u komen?

- Quando você virá?
- Quando você vai vir?
- Você vem quando?

Gaat het vanmiddag regenen?

Será que vai chover hoje à tarde?

Mij gaat het goed.

- Estou bem.
- Eu vou bem.

Misschien gaat het sneeuwen.

Pode nevar.

Alles gaat volgens plan.

Tudo está de acordo com o plano.

Dit gaat leuk worden.

Isso vai ser engraçado.

Hoe gaat het ermee?

- Como você está?
- Como vai?
- E aí?
- Como está indo?

Gaat u zitten, mijnheer!

Sente-se, senhor!

Tom gaat graag uit.

- Tom adora sair.
- O Tom adora sair.

Tom gaat Maria helpen.

- Tom irá ajudar a Mary.
- Tom vai ajudar a Mary.
- Tom ajudará a Mary.

Waarover gaat de tekst?

Do que se trata o texto?

Wanneer gaat dat gebeuren?

Quando isso vai acontecer?

Gaat alles goed, Tom?

Tom, tudo bem?