Translation of "Komen" in English

0.015 sec.

Examples of using "Komen" in a sentence and their english translations:

- We komen.
- We komen eraan!

- We are coming.
- We're coming.

- U kunt komen.
- Je kunt komen.
- Jullie kunnen komen.

You can come.

- Hij kan komen.
- Hij mag komen.

He can come.

- Mag ik komen?
- Kan ik komen?

Can I come?

- Ze gaan komen.
- Zij gaan komen.

- They'll come.
- They will come.

- Hij wil komen.
- Zij wil komen.

He wants to come.

We komen.

- We are coming.
- We're coming.

Komen jullie?

Are you coming?

Komen ze?

Are they coming?

Misschien komen ze, misschien komen ze niet.

Maybe they will come and maybe they won't.

- Hij zou moeten komen.
- Zij zou moeten komen.

He should come.

- Zij wilden zelf komen.
- Ze wilden zelf komen.

- They wanted to come themselves.
- They intended to come themselves.
- They were going to come themselves.

Er komen roofdieren.

It brings out predators.

Komen zij ook?

Are they coming as well?

Hij mag komen.

- He can come.
- He may come.

Kan je komen?

- Can you come?
- Do you think that you can come?
- Do you think you can come?

Dromen komen uit.

Dreams come true.

Zal ze komen?

Will she come?

Hij zal komen.

He will come.

De mannen komen.

The men are coming.

Ze komen aan.

They're coming.

Zij wil komen.

She wants to come.

Hij moet komen.

- He has to come.
- He must come.

Wil Tom komen?

Does Tom want to come?

Wanneer komen ze?

When are they coming?

Tom zal komen.

- Tom'll come.
- Tom will come.

Komen jullie niet?

Aren't you guys coming?

Zij gaan komen.

- They'll come.
- They will come.

Ik wil komen.

I want to come.

We komen terug.

We'll be back.

We zullen komen.

We will come.

Mag ik komen?

Can I come?

Ze komen eraan!

They're coming.

U kunt komen.

- You can come.
- They may come.

Zij komen hierheen.

They're coming here.

Ik kan komen.

I can come.

Zombies komen eraan!

Zombies are coming!

We komen eraan!

- We're coming.
- We're coming!

Je kunt komen.

- You can come with me.
- You can come.
- You can come with us.

Komen jullie mee?

- Are you coming along?
- Are you going to come along?

Hier komen ze.

Here they come.

Kan ik komen?

Can I come?

We komen niet.

We're not coming.

- We komen.
- We komen eraan!
- We komen er zo aan.
- We zijn er zo.

- We are coming.
- We're coming.

- Waarom kunt ge niet komen?
- Waarom kan je niet komen?
- Waarom kunnen jullie niet komen?
- Waarom kunt u niet komen?

Why can't you come?

- Wanneer kunt ge komen?
- Hoe laat kun je komen?

What time can you come?

- Ze komen morgen niet.
- Ze zullen morgen niet komen.

They won't be coming tomorrow.

- Hoe laat kun je komen?
- Hoe laat kunt u komen?
- Hoe laat kunnen jullie komen?

What time can you come?

- Kunt ge komen eten vanavond?
- Kan je vanavond komen dineren?
- Kunt u vanavond komen dineren?

Can you come for dinner tonight?

- Waar komen jouw voorouders vandaan?
- Waar komen uw voorouders vandaan?
- Waar komen jullie voorouders vandaan?

Where are your ancestors from?

- Om hoe laat kunt ge komen?
- Tegen welk uur kunt ge komen?
- Hoe laat kun je komen?
- Hoe laat kunt u komen?
- Hoe laat kunnen jullie komen?

What time can you come?

- Waarom kunt ge niet komen?
- Waarom kan je niet komen?

Why can't you come?

- U moet niet komen morgen.
- Jullie moeten niet komen morgen.

You don't have to come tomorrow.

- Kan je vanavond komen dineren?
- Kunt u vanavond komen dineren?

Can you come for dinner tonight?

Bedankt voor het komen.

You are kind to come.

Kunt ge zondagavond komen?

Can you come on Sunday evening?

Ze komen niet vandaag.

- They are not coming today.
- They're not coming today.

Zal de politie komen?

Will the police come?

Ik kan morgen komen.

I can come tomorrow.

Komen ze morgen hiernaartoe?

Are they coming here tomorrow?

Waar komen baby's vandaan?

- Where do babies come from?
- Whence come babies?

Ook ik wil komen.

I want to come, too.

Hij moet onmiddellijk komen.

He should come right away!

Hij zal zeker komen.

He is certain to come.

De zombies komen dichterbij!

The zombies are closing in on us!

Kan je morgen komen?

- Shall you be able to come tomorrow?
- Can you come tomorrow?

Waar komen ze vandaan?

Where are they from?