Translation of "Naufrage" in Dutch

0.005 sec.

Examples of using "Naufrage" in a sentence and their dutch translations:

Une mauvaise épouse fait le naufrage du foyer.

Een slechte vrouw maakt een scheepswrak van haar man.

Mais que quand il a navigué en Angleterre à la recherche de plus de gloire et de richesse, il a fait naufrage au

Maar toen hij naar Engeland zeilde op zoek naar meer roem en rijkdom, leed hij schipbreuk