Translation of "Niet" in Spanish

0.032 sec.

Examples of using "Niet" in a sentence and their spanish translations:

- Niet stoppen.
- Stop niet.
- Niet ophouden.

- No pares.
- No te pares.
- No se paren.
- No os paréis.

- Niet kijken!
- Niet kijken.
- Kijk niet.

- No miréis.
- No miren.

- Niet vouwen.
- Niet vouwen!

No doblar.

- Lieg niet.
- Lieg niet!

- No mientas.
- ¡No mientas!

- Overdrijf niet!
- Niet overdrijven.

No exageréis.

- Niet schieten!
- Niet schieten.

- ¡No dispares!
- ¡No dispare!
- ¡No disparéis!
- ¡No disparen!

- Niet nu!
- Nu niet!

¡Ahora no!

- Schreeuw niet.
- Schreeuw niet!

No grites.

- Spreek niet.
- Praat niet.

No hables.

- Niet kijken!
- Kijk niet.

- No miréis.
- No miren.

- Niet vloeken!
- Vloek niet!

- ¡No digas garabatos!
- ¡No digas groserías!

- Niet aanzitten.
- Niet aankomen.

No tocar.

- Praat niet.
- Niet praten!

No hables.

- Zeker niet!
- Absoluut niet!

¡Ni en pedo!

- Niet eten.
- Eet niet.

No comas.

- Leer niet.
- Studeer niet.

No estudies.

- Klaag niet.
- Klaag niet!

No te quejes.

- Niet bewegen.
- Niet bewegen!

- No te muevas.
- No se mueva.
- No se muevan.

- Overdrijf niet.
- Niet overdrijven.

No exageréis.

- Lieg niet.
- Niet liegen.

No mintáis.

- Natuurlijk niet.
- Uiteraard niet.

- Desde luego que no.
- Por supuesto que no.

- Wie niet waagt, die niet wint.
- Wie niet waagt, niet wint.

- El que no arriesga no gana.
- Sin riesgo, no hay beneficio.

- Niet aanraken.
- Niet aanraken!
- Raak dit niet aan!

- ¡No tocar!
- ¡No toques esto!
- ¡No toques eso!

niet.

no.

Niet?

¿No?

- Ga niet weg.
- Ga niet.

No te vayas.

- Ga niet dood.
- Sterf niet.

- ¡No te mueras!
- No os muráis.
- No se mueran.

Wie niet waagt, niet wint.

- El que no arriesga nada, no gana nada.
- Sin riesgo no hay recompensa.

- Dat kan niet!
- Niet waar!

- ¡No puede ser!
- De ninguna manera.
- ¡Imposible!
- ¡Claro que no!
- ¡De ningún modo!
- ¡De eso nada!
- ¡Ni cagando!
- ¡Mangos!
- ¡Minga!
- ¡Ni en pedo!

- Niet denken!
- Denk niet na!

¡No piensen!

- Rook je niet?
- Rookt u niet?
- Roken jullie niet?

- ¿No fumas?
- ¿No fumás?

- Ik weet het niet.
- Dat weet ik niet.
- Ik weet niet.
- Weet ik niet.

- No sé.
- Eso no lo sé.
- No lo sé.
- Lo desconozco.
- Yo no sé.

- Ik weet het niet.
- Ik weet niet.
- Weet ik niet.

No sé.

- Dat is niet nodig.
- Dat hoeft niet.
- Dat moet niet.

- No es necesario.
- No hace falta.

Wie niet waagt, die niet wint.

El que no arriesga no gana.

Niet voor individuen, niet voor gezinnen,

para los individuos, las familias,

Niet echt. Althans, niet voor mij.

No exactamente. Por lo menos para mí no fue así.

- Vergeet mij niet!
- Vergeet mij niet.

- ¡No me olvides!
- ¡No te olvides de mí!

- Lang niet gezien.
- Lang niet gesproken!

- Mucho tiempo sin vernos.
- ¡Cuánto tiempo sin vernos!

- Ga niet weg.
- Ga niet weg!

¡No te vayas!

- Niet bewegen.
- Geen beweging!
- Niet bewegen!

- ¡Quedate ahí!
- ¡No os mováis!

- Dwaal niet zo af.
- Niet kletsen.

No divagues.

- Wees niet verdrietig.
- Wees niet treurig.

No estés triste.

- Lang niet gek gedaan.
- Niet slecht.

No está mal.

- Dat werkt niet!
- Dat gaat niet!

¡Eso no sirve!

- Niet meer vandaag!
- Vandaag niet meer!

¡No más hoy!

- Niet aanraken.
- Kom er niet aan.

No lo toques.

Wat niet weet, wat niet deert.

La ignorancia es una bendición.

- Dat kan niet!
- Dat kan niet.

Eso es imposible.

- Wat niet weet, wat niet deert.
- Wat het oog niet ziet, het hart niet deert.

La ignorancia es una bendición.

- Doe niet zo stom.
- Doe niet zo dom.
- Doe niet zo gek.
- Wees niet dom.

- No seas tonto.
- No seas estúpido.

- Hij praatte niet veel.
- Zij praatte niet veel.
- Ik praatte niet veel.
- Hij zei niet veel.
- Zij zei niet veel.
- Ik zei niet veel.

Hablaba poco.

- Stel me niet teleur!
- Stel me niet teleur.
- Ontgoochel me niet.

- No me decepciones.
- No me defraudes.
- No me desilusiones.

- Niet aanraken.
- Niet aanraken!
- Raak dit niet aan!
- Afblijven!
- Handen thuis.

- ¡No tocar!
- No lo toques.
- ¡No toques esto!
- ¡No toques eso!
- Aparta las manos.

- Hij heeft niet geantwoord.
- Zij heeft niet geantwoord.
- Ze antwoordde niet.

No respondió.

Natuurlijk niet.

Claro que no.

Niet best.

No está tan bueno.

niet werkt.

eso no servirá.

Harvard niet.

Harvard no lo hizo.

Of niet.

Tal vez no.

Twijfel niet.

No lo dudes.

Niet uitgaan.

No te apagues.

Niet storen.

No molestar.

Niet aanzitten.

- No toques.
- No tocar.

Waarom niet?

¿Por qué no?

Lieg niet.

- No mientas.
- No mintáis.