Translation of "Denken" in English

0.034 sec.

Examples of using "Denken" in a sentence and their english translations:

- Denken doet pijn.
- Denken kwetst.

Thinking hurts.

- Denken is vergelijken.
- Denken betekent vergelijken.

To think means to compare.

Niet denken!

Don't think.

- Weinig mensen denken zo.
- Weinig mensen denken dat.

Few people think so.

Denken doet pijn.

Thinking hurts.

Denken betekent vergelijken.

To think means to compare.

Wat denken jullie?

What do you guys think?

Denken is vergelijken.

To think means to compare.

Denken staat vrij.

Thought is free.

- De gedachten zijn vrij.
- Denken is kosteloos.
- Denken staat vrij.

Thought is free.

Weinig mensen denken zo.

Few people think so.

Eerst denken, dan handelen!

- Think before you act!
- Think before you act.

Eerst denken, dan zeggen.

Think before you speak.

Grote geesten denken gelijk.

Great minds think alike.

Wat denken jullie hiervan?

How do you guys feel about that?

Waarom denken jullie dat?

- Why do you think so?
- Why did you think that?

Dus begon ik te denken:

So I began to think,

- zal er niet aan denken'.

– won’t bear thinking about’.

Hij lijkt het te denken.

He seems to think so.

Ik kan niet anders denken.

I can't think otherwise.

Sommigen denken er zo over.

Some do think so.

De meeste mensen denken dat.

Most people think so.

Ik weet hoe vrouwen denken.

I know how women think.

Wat denken jullie van oorlog?

What do you think of war?

- Niet denken!
- Denk niet na!

Don't think.

Ik probeer na te denken.

I try to think.

Denken is moeilijk en daarom oordelen veel mensen zonder erbij na te denken.

Thinking is difficult, and therefore many people only pass judgment.

We denken allemaal dat we het weten en we denken dat iedereen het weet,

We all think we know, and we all think everybody knows,

- Dit liedje doet me denken aan thuis.
- Dat liedje doet me aan thuis denken.

That song reminds me of my home.

- Waarom wilt ge weten waaraan wij denken?
- Waarom wilt ge weten wat wij denken?

- Why do you want to know what we are thinking about?
- Why do you want to know what we're thinking about?

- Je doet me denken aan je moeder.
- U doet me denken aan uw moeder.

You remind me of your mother.

Waardig om over na te denken.

and it's worthy of reflection.

Dwangmatig gedrag, routine en obsessief denken --

repetitive behaviors, routine and obsessive thinking --

En dan denken wij: hm, bananen.

And then we think, "Hm, bananas."

Ik kon niet anders dan denken

And I had to think,

Die denken dat hun donaties helpen.

under the impression to help with their donations.

Ik kan niet aan alles denken.

I can't think of everything.

We denken dat hij eerlijk is.

- We believe him honest.
- We think that he's honest.

Wil iemand denken aan de kinderen!

Won't somebody please think of the children?!

We denken dat hij zal komen.

We think that he will come.

Doet dat u aan iets denken?

- Does it ring a bell with you?
- Sound familiar?

Wat denken jullie van dat plan?

- What do you think of this plan?
- What do you think about this plan?

Ik moet aan mijn kinderen denken.

I have to think of my children.

Daar kan ik niet aan denken.

- I cannot think about that.
- I can't think about that.

Ik wist niet wat te denken.

I didn't know what to think.

Ze handelde zonder na te denken.

She acted without thinking.

Dat doet me aan jou denken.

- This reminds me of you.
- This makes me think of you.

We denken dat het mogelijk is.

We believe it's possible.

Tom praat zonder na te denken.

Tom speaks without thinking.

Dit doet mij denken aan Tom.

This reminds me of Tom.

Denken jullie dat hij dood is?

Do you think he is dead?

Denken jullie dat ik dik ben?

Do you guys think I'm fat?

Tom moet aan zijn gezin denken.

Tom has a family to think about.

Probeer aan iets anders te denken!

Try thinking about something else.

Waar doet dat u aan denken?

What does this remind you of?

Te denken wat mensen nooit hebben gedacht.

To think what people have never thought.

Ik kon alleen maar aan haar denken.

All I could do at the time was just think of her.

Haar hele wezen is denken, voelen, ontdekken.

Her entire being is thinking, feeling, exploring.

Mensen denken dat deze reportage echt is.

People believe this report true.

Verwacht niet dat anderen voor jou denken.

Don't expect others to think for you!

Je doet me denken aan je moeder.

You remind me of your mother.

U doet me denken aan uw moeder.

You remind me of your mother.

Ik ben te moe om te denken.

I'm too tired to think.

Je doet me denken aan mijn moeder.

You remind me of my mother.

We denken dat het ergste voorbij is.

We think we are over the worst.