Translation of "Tegen" in Spanish

0.012 sec.

Examples of using "Tegen" in a sentence and their spanish translations:

- Tom liegt tegen je.
- Tom liegt tegen u.
- Tom liegt tegen jullie.

Tom te está mintiendo.

- Je loog tegen me.
- U loog tegen me.
- Jullie logen tegen me.

- Me mentiste.
- Me has mentido.

- Praat niet tegen mij.
- Praat niet tegen mij!

- No hables conmigo.
- No me hables.

...tegen die bendes...

en especial contra esas bandas,

Hou ze tegen.

- Detenlos.
- Párales.

Niemand stemde tegen.

- Nadie votó en contra.
- Ninguno votó en contra.

- Spreekt ge tegen mij?
- Heb je het tegen mij?

- ¿Estás hablando conmigo?
- ¿Está Ud. hablando conmigo?

Ik praat niet tegen jou, maar tegen de aap.

No te estoy hablando a ti, sino al mono.

- Praat je tegen je hond?
- Praat u tegen uw hond?
- Praten jullie tegen jullie hond?

- ¿Tú le hablas a tu perro?
- ¿Habla usted a su perro?

- Zeg "Dag" tegen uw vrienden.
- Zeg hallo tegen je vrienden.

Di hola a tus amigos.

- Ik ben vriendelijk tegen haar.
- Tegen haar ben ik vriendelijk.

Me llevo con ella.

En verrijzen tegen tegenspoed,

y levantándose contra la adversidad.

tegen Willem de Veroveraar.

contra Guillermo el Conquistador.

Lieg niet tegen mij.

No me mientas.

We zijn tegen oorlog.

Estamos en contra de la guerra.

Hij loog tegen ons.

Él nos mintió.

Ik ben tegen oorlog.

Estoy en contra de la guerra.

Schreeuw niet tegen me.

No me grites.

Spreekt ge tegen mij?

¿Estás hablando conmigo?

Praat niet tegen mij.

No hables conmigo.

Je loog tegen me!

¡Me mentiste!

Katholieken zijn tegen geboortecontrole.

Los católicos están en contra del control de natalidad.

Iedereen was tegen mij.

Todos estaban en mi contra.

Hij vocht tegen rassendiscriminatie.

Él luchó contra la discriminación racial.

Ik praat tegen mezelf.

- Hablo solo.
- Estoy hablando solo.

Ik loog tegen je.

- Te mentí.
- Les mentí.

Iedereen is tegen mij.

Todos están en contra de mí.

Het loopt tegen zessen.

Ya casi son las seis.

Je loog tegen me.

Me mentiste.

Zeg hallo tegen Jimmy.

Dile hola a Jimmy.

Hou hem niet tegen.

No lo pares.

Zeg nee tegen drugs.

Dile no a las drogas.

Hij loog tegen me.

Él me mintió.

Tom is tegen roken.

Tom está en contra de fumar.

Tom loog tegen Mary.

Tom le mintió a Mary.

Tom loog tegen je.

Tom te mintió.

Zeg het tegen niemand.

No se lo digas a nadie.

Hij praatte tegen zichzelf.

Él habló consigo mismo.

- De auto crashte tegen de muur.
- De auto reed tegen de muur.
- De auto botste tegen de muur.

El coche se estrelló contra la pared.

- Ik spreek hem niet graag tegen.
- Ik spreek u niet graag tegen.
- Ik spreek haar niet graag tegen.

Odio contradecirle.

- De auto crashte tegen de muur.
- De auto reed tegen de muur.

El coche se estrelló contra la pared.

- Ik spreek Spaans tegen mijn kat.
- Tegen mijn kat spreek ik Spaans.

- Hablo en castellano con mi gato.
- Le hablo a mi gato en español.

- De auto reed tegen de muur.
- De auto botste tegen de muur.

El coche se estrelló contra la pared.

Ze is niet aardig tegen hem. Eigenlijk is ze aardig tegen niemand.

Ella no es amable con él, de hecho, no es amable con nadie.

- Hij kan niet tegen zijn verlies.
- Zij kan niet tegen haar verlies.

No sabe perder.

Ze vocht tegen haar eetzucht.

Desafió su adicción a la comida.

Heeft ze beveiliging tegen diefstal,

no se la pueden robar.

Gevonden. Maar tegen een prijs.

La encontró. Pero con un costo.

Hij zei tegen zijn troepen:

Dijo a sus tropas:

Ik protesteer tegen mijn veroordeling.

Protesto contra mi condena.

Vertel het niet tegen papa.

No se lo digas a papá.

Lincoln was tegen de slavernij.

Lincoln estaba en contra de la esclavitud.

Ik ben er helemaal tegen.

Estoy completamente en contra.

Het is tegen de regels.

- Es contra las reglas.
- Eso va contra las reglas.

Ik reed tegen een boom.

Choqué contra un árbol.

Praat niet zo tegen hem.

No le hables de esa forma.

Ik kan er niet tegen.

No lo soporto.

Tegen wie heb je het?

¿Con quién estás hablando?

Heb je het tegen mij?

¿Está hablando conmigo?

Ze hebben tegen je gelogen.

Te mintieron.

Hij is aardig tegen haar.

Él es amable con ella.

Moord is tegen de wet.

El asesinato es contra la ley.

Ik ben tegen zessen opgestaan.

- Me levanté más o menos a las seis.
- Me levanté hacia las seis.

Hij heeft er niks tegen.

No tiene nada en contra de eso.

Hebt gij bewijzen tegen hem?

¿Tienes pruebas contra él?

- Stop haar!
- Hou haar tegen!

- ¡Paradla!
- ¡Párala!

Spreek niet zo tegen mij!

¡No hables así conmigo!

We liegen allemaal tegen onszelf.

Todos nos mentimos a nosotros mismos.

Tom is aardig tegen me.

Tom es amable conmigo.

Hij heeft tegen mij gelogen.

Él me mintió.

Ik vocht tegen de slaap.

Luché contra el sueño.